Dorpsfiguren 4

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

fons1.jpg

Foto genomen in 1912 bij zijn vriend-volksdichter Van Strijdonck in Grauw  (NL). v.l.n.r. : Van Strijdonck, de Erembodegemse werkman-dichter Van Maele en Alfons Verelst

Alfons Verelst werd geboren te Meerdonk op 12 januari 1859. Hij heeft in Meerdonk sporen nagelaten en wel in vorm van gedichtjes en rijmen, die op een stukje papier of in het geheugen bewaard bleven. Zijn moeder stierf toen hij 27 was en zijn vader hertrouwde op latere leeftijd. Zijn vruchtbaarste periode, waarin ook zijn beste gedichten werden geschreven, was voor en gedurende de oorlog 14-18. Fonske moet een vroom, wat eigenaardig ventje zijn geweest zijn. Hij bleef heel zijn leven jonkman en is 86 jaar geworden. Bijna heel zijn leven heeft hij doorgebracht in de wijk Turfbanken, in de nabijheid van de molen. Jaren lang ging Fonske ook met de kerkschaal rond en zijn hele leven ijverde hij voor de bedevaarten en de boekjes van Sint-Jozef. Op  huwelijksfeesten trok hij af met een gedichtje en een liedje. Blijkbaar hield hij van eenvoudige dingen. Hij sliep vooral in het hooi. Sedert 1939 was Fonske terecht gekomen in het hospice te Meerdonk. Zijn eenzame wandelingen geeft hij niet op. Zijn oude thuis op Turfbanken, waar zijn gevoelig gemoed zich nimmer kon van vervreemden, was vaak het doel van zijn tocht en zo gebeurde het op 29 november 1945, dat hij bij valavond door opkomende nevel verrast werd. Helaas, de weg die hij van kindsbeen kende was hem vreemd geworden en hij sloeg de verkeerde richting in...en een paar dagen later werd het lijk van de arme drenkeling door een visser ontdekt. Dat er voor Fonske en zijn werk veel belangstelling en waardering bestond, blijkt uit een brochure over hem geschreven na zijn dood.

fons2.jpg
fons3.jpg

Vriend Strijdonck

Ik wil u vandaag schrijven

u tijding van mij geven

en hoop nog lang te blijven

gezond te blijven leven.

 

U tijding van mij geven,

dat doe ik met behagen,

gezond te blijven leven,

den naam van vriend te dragen.

 

Dat doe ik met behagen,

u nieuws te laten weten,

den naam van vriend te dragen,

ter studie soms gezeten.

 

U nieuws te laten weten

wanneer ik kom te lukken

ter studie soms gezeten

en vruchten dan te plukken.

 

Wanneer ik kom te lukken

in 't maken van gedichten,

en vruchten dan te plukken

verwekken blij gezichten.

 

In 't maken van gedichten

tot lachen en bewegen

verwekken blij gezichten

heet dat geen roem en zegen?

Het onkruid

Benevens prille vruchten

mals groeiend op het veld,

nog wast een vijand mede

die hen gedurig kwelt.

 

Het onkruid woekerd hevig

en doet de planten leed

wen nu de boer niet wakker

tot plukken is gereed.

 

Het onkruid rooft het voedsel

die elke plant behoeft

betwist ze zelf heur plaatse

nu landman, niet getoefd.

 

Hij komt en kapt met iever

of wiedt met moed bezield

en zuivert elken akker

die van het onkruid krielt.

 

Zo schuilt er in onze zielen

ook kruid van alle slag

dat wij ook moeten dempen

en doden dag aan dag.

Eiers zoeken

Onze hennen reeds zo vele

liepen rond met roden kam:

hunne woonst eens op te zoeken

dit gedacht mij binnen kwam.

 

Maar op wat geheime wijze

bergen zij zo sluw hun nest?

Wie belast wordt met de zorge

hen te zoeken, weet het best.

 

Moedig klom ik naar omhoge,

onder pan en onder dak

'k zocht met nutteloze moeite:

niets er mij van eiers sprak.

 

'k Was op 't punt mijn werk te staken

toen ik dichte bij de grond,

tussen 't roggestro verborgen,

daar een zooiken eiers vond.

 

Wie ootmoedig is van harte,

handelt eveneens alzo:

nederig weldoen in 't geheime

lijk de hennen tussen stro.

 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Roger Van den Branden

rogervandenbranden-1.jpg

Je moet niet noodzakelijk naar de grote steden gaan om mensen met originele ideeën te vinden. Ook op het platteland, onder de landbouwer en arbeiders, vind je mensen met veel artistiek talent. Daarvan zijn we overtuigd geworden na een bezoekje aan Roger Van den Branden, een eenvoudig, braaf en actief man. Sinds enige jaren is hij plaatselijk ACV-voorzitter, maar ook in tal van andere parochiale verenigingen is hij bedrijvig. Iedereen weet ook dat hij steeds een vaardig knutselaar is geweest. Vooral houten gebruiks- en siervoorwerpen waren steeds zijn specialiteit.

Enkele jaren geleden begon hij in te zien dat hij meer kan, dan hij eerst dacht. Nu stelt hij regelmatig tentoon met zijn originele houten beeldhouwwerken. Uit zijn werken spreekt een diep geloof in God en de mensen. Als we hem vragen hoe hij op het idee gekomen is om beeldhouwwerken te maken, geeft hij onmiddellijk toe dat het de pastoor van Breskens is geweest, die hem heeft geïnspireerd. Deze man, Omer Gielliet, heeft reeds een drietal prachtige werken aan de Meerdonkse bevolking geschonken. Op het kerkplein vinden we zijn "Meeuw", in de kerk staat een "H. Drie-eenheid" van zijn hand en ergens midden in de polder verrijst zijn "Onze Lieve Vrouw van de polder". Toen Roger dit alles zag, ging hij zelf aan het werk. Zijn stukken zijn zeker geen imitatie van Gielliets werk, maar dragen een eigen stempel.

Wat Roger Van den Branden een aparte plaats in de kunstwereld geeft, is het originele materiaal dat hij gebruikt. De kunstenaar werkt als baggerwerker. Onder dikke lagen modder  vindt hij  daarbij regelmatig  grote stukken  eikenhout,

dat door de tand des tijds pekzwart en keihard is geworden. Deze zwarte blokken, grillig van vorm, zijn nu Rogers meest geliefkoosde materiaal. Momenteel zijn wetenschapslui bezig om de precieze ouderdom van het hout vast te stellen. Men gewaagd zelfs van dertigduizend jaar.

Het stemt eigenlijk tot bezinning. Eens groeiden hier jonge eiken op, tot stoere reuzen. Ze stierven af en kwamen door het veranderde landschap terecht in de ondergrond. Bijna verkoold werden ze door baggerwerken weer aan de oppervlakte gebracht. En toen hebben mensenhanden er een nieuwe zinvolle vorm aan gegeven. Een brok leven in een stuk hout.

De beeldhouwer heeft eerbied voor zijn materiaal. "De figuren die ik maak", zegt hij, "zitten eigenlijk al in het hout zelf. De natuur heeft er vorm aan gegeven, en ik help ze een beetje". Bijzonder fraai zijn ook de beelden uit Spaans hout. Deze zeer zeldzame houtsoort heeft hij gevonden op de wijk Spaans Kwartier te De Klinge.

Deze beelden hebben een zeldzame kleurenrijkdom. Elke werk is een uniek stuk. Je vindt immers nooit een tweede stuk hout dat op precies dezelfde wijze gevormd is

Het is eigenaardig. Sommige kunstenaars volgen jarenlang les, en slagen er toch nooit in het brede publiek te bereiken.

Deze eenvoudige Meerdonkenaar vindt echter zeer gemakkelijk bewonde-raars én kopers. Misschien komt het doordat hij zo ongekunsteld, zo natuurlijk is in zijn werk, of zoals de pastoor Leo Vercruyssen het uitdrukte: "al wat hij maakt past bij de mens die hij is: de volksmens met een sociale bewogenheid".

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

© 2011 - 2017 meerdonkopzijneigen.be