Dit artikel verscheen in 1998 in het tijdschrift "De Kluizenaar" van de heemkundige kring De Kluize.

1927

De maalderij vroeg om uitbreiding, aangezien van Jozef Fons en Jef alsook nog een knecht in he bedrijf werkzaam waren. Met 4 man kon men veel werk verzetten. Men wilde nochtans voor blijven op de concurrentie, en daarvoor moest de kwaliteit nog verbeteren.

De oude molens werden vervangen door 3 nieuwe. Er kwam een aangepaste zeef en een reinigingsmachine voor het graan, ook een nieuwe builmolen (dit is een trommelzeef die het meel scheidt in verschillende kwaliteiten van fijn naar grof) dit alles aangedreven door de zuiggasmotor, via een nieuwe 7 meter lange centrale as. Toch werden sommige machines met elkaar verbonden door een elevatorsysteem, waardoor het graan na de reiniging in de maalmolen werd getransporteerd en het meel na het malen met een vijzeltransport en de elevator in de builmolen terecht kwam. Een voor die tijd ultramodern bandsysteem, waardoor veel gesleur met zakken werd uitgeschakeld.

Na deze aanpassingen kon reeds een 300-tal zakken graan per week gemalen worden, en dit voor allerlei gebruik. Bakkers-meel van tarwe uitsluitend in de eerste molen (fijne stenen). Lijnkoek, mais, erwten en grove granen in de tweede molen (grover gekapte stenen). Rogge, gerst, enz. voor dierenvoer in de derde molen.

Na nog enkele spitsvondige veranderingen aan de molenstenen, kon men de sleet in grote mate verminderen, dus langer malen zonder de stenen te zetten. Na al deze kleine en grote aanpassingen, was men de concurrentie weer een stap voor. De zaken gingenweer goed.

1930 

Een tweede auto werd hoognodig. Een occasie Renault camion van 3 ton met dubbele wielen werd aangekocht. Met daarbij nog een extra werkkracht, liep de productie op tot 50 à 60.000 kg per maand. Uitzonderlijk of in piekmaanden werd er omzeggens dag en nacht gewerkt, en kwam aan 70 à 80.000 kg per maand. Dit waren wel de hoogtepunten na de vernieuwingen uit 1927, die nu hun vruchten afwierpen.

Maar Fons en Jozef leerde de stiel van een goede leermeester, hun vader, met daaraan gekoppeld de praktische ervaring in de maalderij en de kennis van deze mechaniek. Jef had daardoor een goed technisch inzicht, met nog een resem technische boeken erbij en veel zelfstudie (Jef had ingenieur kunnen worden). Zo'n technische knobbel. Alle onderhoud deed hij zelf: de molens, de zuiggasmotor, de auto's. Zelfs landbouwers uit de buurt met een technisch probleem, kwamen bij Jef terecht om zo'n klusjes op te knappen.
Maar hun vader overleed op 29 mei 1940, op 78-jarige leeftijd. Toen deden beide broers de zaak verder. Meteen zaten ze in de harde oorlogsjaren. Toch konden ze met ups en downs hun zaak  verderzetten. Na de oorlog en na de wederopbouw viel het hen veel zwaarder. Andere grote bedrijven bouwden en vernieuwden ultra modern. Deze werden nu de grote concurrenten. Maar met gedrevenheid, kennis en ondervinding bleven ze toch steeds een stapje voor.

1946-1947

Hun bijzonderste werkkracht, de zuiggasmotor, waar ze zoveel jaren op konden rekenen, raakte ook versleten. De klepstangen waren amper nog een paar mm dik en tot overmaat van ramp niet meer te verkrijgen. Dan maar uitgekeken naar een occasie. Een dieselmotor stond te koop in Melsele bij H. Van Hove, een national HP. Dit was hun gerief, maar ze moesten deze zelf uitbreken, demonteren en naar huis halen. Dit was voor Fons en Jef geen probleem. Voor slechts 30.000 BEF kochten ze hem.  Een paar maanden later was hij geïnstalleerd en in werking.

Vervolgens de zuiggasmotor aangepakt voor een revisie. De klepgeleiders werden uitgeruimd, tot deze pasten voor een nieuw type klep. Na een paar maanden was alles achter de rug. Want alles moest na het malen gebeuren hé, zegt Jef. Maar de occasie diesel vertoonde ook gebreken (daarom was hij zo goedkoop).

De zuiggasmotor terug in dienst, en de diesel uiteengenomen, nieuwe onderdelen besteld in de National fabriek in Engeland, via Lucien Koppen, een verdeler van dit merk die in Hasselt woonde. Wel drie jaar hebben we op deze stukken moeten wachten, volgens Jef. Daarna werd alles gemonteerd en uitgetest en de diesel terug in dienst genomen. Ondertussen schrijven we 1950. 

Vervolg deel 3.